Werkwijze

Je bent hier: Onze school » Werkwijze

Werkwijze in de groepen 1 en 2

 

 

Jonge kinderen verwerven inzicht door om te gaan met concreet materiaal.

Van belang is dus dat jonge kinderen kunnen handelen, alle zintuigen kunnen gebruiken (voelen, proeven, ruiken, horen en zien) dus ervaring opdoen met concrete materialen en situaties.

Om betrokkenheid te bevorderen is functionaliteit van belang.

Bij het samenstellen van de werkjes, het aanleren van vaardigheden en technieken wordt daarom rekening gehouden met de functionaliteit van de opdrachten.

Begrippen verwerven gaat beter wanneer een vaardigheid/techniek in een context geplaatst wordt met zinvolle activiteiten.

 

We hebben elementen van basisontwikkeling ingevoerd. (zie ‘basisontwikkeling’, hierna)

 

We hebben in ruime mate aandacht voor beginnende geletterdheid en gecijferdheid.

Binnen de thema’s worden mogelijkheden hiervoor op een speelse manier aangeboden.

 

Op de Anne Frankschool bieden we de kinderen een veilige, gestructureerde omgeving met ruimte voor de individuele ontwikkeling van het kind.

Dat wil zeggen:

- Veilig, door het kind in zijn/haar waarde te laten, een relatie op te bouwen, op een goede manier met elkaar te communiceren

- Gestructureerd, door de inrichting van de ruimte, dagindeling en regels. (eventueel met visuele ondersteuning)

- Materiaal en omgeving moeten veilig zijn.

 

De deskundige leerkracht begeleidt, motiveert en stuurt waar nodig de kinderen aan.

De leerkracht biedt individueel of groepsgewijs materiaal en activiteiten aan.

 

Om zelfstandigheid te bevorderen werken we met het ‘keuzebord’

Kinderen kunnen gedurende de speel/werkmomenten uit een aanbod van diverse (vrijwillige maar ook een aantal verplichte) werkvormen kiezen. Hierbij worden verschillende technieken en vaardigheden aangeleerd.

We bereiden de kinderen voor op groep 3 en hebben aandacht voor de grote stap tussen de groepen twee en drie.


 

Basisontwikkeling

 


De groepen van de onderbouw ( 1 en 2) werken volgens het principe van “BASISONTWIKKELING”.

Dat wil zeggen dat ontwikkelingsbevorderende en betekenisvolle activiteiten de kern vormen van de praktijk: Spel en constructieve activiteiten, gesprekken, lees-, schrijf en reken- en wiskunde activiteiten.

Het aandeel van de leerkracht zorgt ervoor dat de kinderen door middel van deze activiteiten verder komen in hun ontwikkeling.


 

In de praktijk betekent dit o.a. dat:

 

  • We werken met thema’s, indien mogelijk door kinderen aangedragen. Maar ook

seizoengebonden thema’s enz.

  • We de thema’s meer uitdiepen door uitgebreider en langer in te gaan op het thema en meer

vakgebieden erbij betrekken.

  • De kinderen helpen met het opzetten van de thema’s ( wat hebben we nodig?, wat moet er bij komen?, wat kunnen we van huis mee nemen?) om zo de betrokkenheid te vergroten.
  • De hoeken worden betrokken bij het thema (huishoek, bouwhoek, leeshoek, water-zandtafel

enz.)

  • Er zinvolle lees-schrijfactiviteiten en reken –wiskunde activiteiten worden ingebouwd.
  • Veel onderwerpen in een ‘kleine kring’ worden aangeboden zodat er meer interactie is tussen

de leerkracht en deelnemende kinderen.

 

De inrichting van en de werkwijze in de kleutergroepen is zodanig ingedeeld dat de kinderen zo zelfstandig mogelijk kunnen spelen en werken in hun groep.

 

 

Taakkaarten


 

Op de Anne Frankschool werken we in de groepen 3 t/m 8 met taakkaarten. Dit betekent dat de kinderen een deel van de ochtend of middag zelfstandig werken aan de opdrachten die staan op een dagtaakkaart. De kinderen bepalen zo voor een groot deel zelf de werkvolgorde en het werktempo.

De kinderen van groep 3 werken vanaf januari twee keer per week met een taakkaart waarop verschillende taken staan waaruit zij kunnen kiezen. Het aantal taken op de taakkaart en momenten waarop gewerkt wordt met de taakkaarten worden uitgebreid zodat in groep 8 zelfstandig aan een taakkaart gewerkt kan worden. De taken kunnen per leerling verschillen. In het organisatiemodel van werken met taakkaarten ontstaan momenten waarop de leerkracht individueel of met kleine groepjes kan werken.


 

Sociaal-emotionele opvoeding – de kanjertraining

 


Het belangrijkste doel van sociaal emotionele ontwikkeling is dat kinderen positief over zichzelf en de ander leert te denken. Als gevolg hiervan heeft een kind minder last van sociale stress. Dit resultaat is zowel op de korte termijn als op de lang termijn zichtbaar. Om dit te bereiken gebruiken wij hiervoor de Kanjertraining. Deze Training wordt vanaf groep 1 ingezet. Het blijkt dat veel kinderen na het volgen van de Kanjertraining zich beter kunnen concentreren op school en betere leerresultaten halen. De verklaring hiervoor is simpel: De Kanjertraining geeft kinderen handvatten in sociale situaties en daardoor komt tijd en energie vrij. Binnen de Kanjertraining worden kinderen geconfronteerd met de gevolgen van hun gedrag. De Kanjertraining probeert elk kind in te laten zien dat het beter en prettiger is voor jezelf en voor een ander om goed (gewenst) gedrag te laten zien.

Ook levert onze godsdienstmethode (‘Trefwoord’) een belangrijk aandeel in de sociaal emotionele vorming.



Methodes

 

Vakgebied / methode

Sociaal emotionele vorming / Kanjermethode / Trefwoord

Aanvankelijk lezen (groep 3) / De Leessleutel

Voortgezet technisch lezen / Leesparade

Schrijven / Schrift

Taal / Taalactief

Spelling / Taalactief

Rekenen / Pluspunt (inclusief het minimumprogramma)

Begrijpend lezen / Tekstverwerken

Biologie / Topondernemers

Aardrijkskunde / Topondernemers (topografie apart)

Geschiedenis / Topondernemers

Verkeer / klaar-over

Typevaardigheid / Typing-master

Computervaardigheid / Basisbits

Handvaardigheid / Moet je doen

Tekenen / diverse bronnenboeken

Muziek / Moet je doen

Dramatische vorming / wordt bij diverse vakken aangeboden

Bewegingsonderwijs / basislessen bewegingsonderwijs

Godsdienstige vorming / Trefwoord